Een rib uit mijn lijf
Mijn relatie tot taal is er een van uiterste. Mijn start is om zo te zeggen tamelijk dramatisch geweest en nog zie ik letters en woorden meer als een hulpmiddel om te communiceren dan als een instrument dat fijnbesnaard moet worden bespeeld.
Toch heeft mijn interesse voor de samenhang en oorsprong van dingen enige fascinatie voor etymologie bewerkt. Dat een appel niet ver van de boom valt is natuurlijk zo waar als een koe en dat de zon voor niets opkomt ook. Ingewikkelder wordt het al als iemand met de noorderzon is vertrokken of als iemand de kantjes ervan afloop. Nu weten wij als Leidenaars natuurlijk wat het betekent als iemand zich er met een Jantje-van-leiden van afmaakt. Dat moet je net als met kantjes niet doen op je werk want dan zijn de rapen pas echt gaar.
Een hele mooie welke ik laatst las waarmee de schrijver bedoelde te zeggen dat hij de bui al zag hangen was dat hij het lijk al zag drijven. Je begrijpt, morbide als ik ben, visualiseerde ik dat direct. In deze serie past ook het gezegde dat iets een rib uit je lijf kost. Dit is een gangbare manier om te zeggen dat iets erg veel kost. Gedurende mijn leven is mij dit al zo vaak overkomen dat ik weinig borstkas meer over heb. Het gezegde ging pas echt spreken toen ik touwde. Ik was niet meer één maar twee. Ik moest rekening houden met een ander deel van mijzelf-, mijn vrouw. Dat viel soms niet mee. Het kost veel: veel geld- veel tijd en veel vrijheid. Toch was de ‘prijs’ het meer dan waard en zou ik het zo weer met dezelfde rib doen.
Het was ook toen dat ik begreep dat dit spreekwoord door Adam is bedacht nadat hij een poosje met Eva optrok. Ik ken een man met maar één arm en hoewel hij nog een volkomen gezonde arm heeft lijkt zijn hele leven om het gemis van die ene arm te draaien. Een lichaam is zo’n merkwaardige eenheid dat Adam toen hij tijdens een diepe slaap zijn rib kwijt raakte, waar God Eva van schiep, hij zijn hele leven heeft geprobeerd om deze rib weer terug te krijgen. Altijd probeerde hij Eva aan zijn zijde te houden. Deze merkwaardige eigenschap heeft zich overgeërfd door het hele menselijke geslacht. Dit is de verklaring voor het verschijnsel dat mannen en vrouwen zich tot elkaar voelen aangetrokken; ze willen onbewust die weggenomen rib weer zo dichtmogelijk op zijn oorspronkelijke plaats terug brengen. Dat is dan ook de reden waarom een man en een vrouw zich zonder partner toch altijd een beetje gehandicapt voelt.
Deze eenheid van een man en vrouw is niet toevallig. Ze is zo geschapen door God. De dieren zijn elk geschapen naar hun aard dit betekent: ze lijken nergens op. Dat wil zeggen ze zijn niet geschapen naar een ander voorbeeld. Een leeuw is niet een afbeelding van het hemelse tegenbeeld van een leeuw. En een geit heeft ook geen geestelijk tegenbeeld. Wij als mens zijn dat wel. De mens is gemaakt naar Gods beeld. Wij zijn een afbeelding van God. En zoals God de Vader en God de Zoon beide één zijn, zo zijn de man en de vrouw elk één deel van dit goddelijke tegenbeeld en weerspiegelen zij in hun huwelijk, waarin zij één vlees zijn, de eenheid van God de Vader en God de Zoon.
De Bijbel leert dat de relatie van man en vrouw is naar het beeld van de relatie van God de Vader en de Zoon. Daarom is de vrouw niet uit de man (zoals Jezus is uit de Vader) om te zijn zoals de man. Ook is de mens niet geschapen naar het beeld van God om te zijn zoals God. De mens is geschapen als het beeld van God om met God om te gaan op dezelfde manier als een vrouw en man met elkaar omgaan.
De bijbel spreekt daarom ook over de mens als de bruid van het Lam (Jezus). Die bruid is de mens die God met dat doel heeft gemaakt. Door de zonde was de mens in de macht van de dood gekomen en zo van God (die leven is) gescheiden. Jezus heeft de macht die dood over de mens had verbroken. Zo maakte hij het mogelijk de mensen hun positie weer te laten innemen.
Het was tijdens het zingen van een lied waarin werd beschreven hoe de speer Jezus zijde doorboorde dat ik het volgende beeld kreeg. Zoals Adam in een diepe slaap uit zijn zijde zijn bruid (Eva) kreeg, zo verkreeg Jezus tijdens zijn diepe slaap (dood) ‘uit zijn zijde’ (speer) zijn bruid (de gemeente). Zijn bruid werden gevormd uit het bloed van Jezus en het water dat uit zijn zijde stroomde, toen de soldaat zijn speer in Jezus zijde stak nadat Hij was gestorven. Wij zijn geboren uit het bloed (dood) van Jezus en het water des levens (Heilige Geest). Of het litteken bij Adam zichtbaar is gebleven weten we niet. In de zijde van Jezus was nog wel het litteken te zien van het moment waarop hij zijn bruid verkreeg. Wij koste Hem meer dan een rib, wij kostte Hem zijn leven, maar wij waren het Hem waard.
De volgende keer wil ik stilstaan bij de betekenis van het water en het bloed dat uit Zijn zijde stroomde.
Kees_Middelbeek
1Korinte 11:3&7-9

