Vissen

GupWat mij al een aantal keer heeft verbaast dat is dat kinderen alles volstrekt normaal vinden.

Ik weet niet meer hoe oud ik was toen ik in eens een hengel had. Zo’n ding van bamboe kost natuurlijk niet veel, we woonde op nog geen vijftig meter van de Gouwzee en wurmen waren ook wel ergens onder te vinden.

Opgetogen trok ik met mijn broer met een jampotje ver het terrein van de boerderij op jacht naar de dikste wurmen. Met een schep groeven we en kuilen, zochten onder graspollen en weldra hadden we een voorraadje.

 

Het idee van een vis vangen spreekt jongetjes tot de verbeelding, maar het is een wrede bedoening als je het kinderen laat doen. Stel je voor dat je kinderen een tandarts stoel zou geven en instructies over hoe ze wortelkanaalbehandelingen bij hondjes zouden moeten uitvoeren. Het idee alleen al doet mij huiveren.

Er is een verband  met de aaibaarheidsfactor en de hoeveelheid medeleven die wij met dieren hebben. Een poes, hamster of hond zouden we nooit aan een haak slaan, maar een wurm… Zonder aarzelen prikte we de haak in het tegenstribbelende en kronkelende lijfje van het gladde diertje die we als een kous over het kille ijzer schoven tot er niets van de haak meer zichtbaar was. De vis zou, zo dachten wij, bij het zien van een restje haak wel in de gaten hebben wat hem boven het hoofd hing en dat was niet het plan.

Minuten die uren leken te duren zaten we ongeduldig aan de waterkant te wachten en ons te verbazen over wat we verkeerd deden dat ‘ze niet wilde bijten’.

Er zijn allerlei hulpmiddelen in de handel die kunnen helpen een haak te verwijderen als je beet hebt, maar of die waren nog niet uitgevonden, of weggeraakt. Het was dus vaak wel een heel gepruts om de doorgeslikte haak weer uit de bek van de steelbaarsjes, de enige vissen die we ooit vingen, te krijgen. Meer dood dan levend gooiden we de gevangen exemplaren weer terug, omdat het ging om het vangen en niet om het houden. Bovendien waren die met graten doorregen beestjes niet te vreten. Ik kan mij een stekelbaars herinneren die de haak zo diep had doorgeslikt dat deze met ingewanden en al uit zijn bek terug kwam. Het verbaast mij nog dat ik toen ik zo weinig medeleven met die schepseltjes had. Dat is later wel gekomen. Ik zal nooit meer vissen.

Als jongetjes nog klein zijn dan moet iemand ze leren om zich in te leven in anderen. Als we dat niet doen dan begaan ze de meest wrede dingen. Als ik de lawine van zinloos moorden zie die plaatsvindt in het Midden-Oosten dan vraag ik mij af of er daar wel voldoende volwassen waren die hun kinderen ooit hebben geleerd hoe kwetsbaar God ons heeft gemaakt. Toen Hij ons schiep was dat niet om gewapend  te zijn tegen het kwaad. We zijn te soft om in een harde wereld te leven.

Kees